De toekomst van het terpen- en wierdenland

Gepubliceerd op 4 oktober, om 20:25u

Na interessante presentaties over met name het verleden van het terpenland, wordt de dag afgesloten met een paneldiscussie waarin de toekomst centraal staat. Dit aan de hand van de stelling: ‘Terpen en Wierden als de nieuwe pijlers onder de duurzame economie van de Waddenkust’. Onder leiding van dagvoorzitter Theo Spek discussieerden Jouke van Dijk, Joop Mulder, Barbara Risselada en Karin Sjoukes over de kansen die het gebied biedt. Elk vanuit de eigen invalshoek; werkgelegenheid, kunst&cultuur, marketing en landschapsbeheer.

Begrijpelijkerwijs werd het geen heftige discussie. Veel meer een verkenning van de mogelijkheden om het unieke karakter van het terpen- en wierdenland beter te kunnen benutten en uitnutten. Vanzelfsprekend met behoud met respect voor natuur en landschap. Volgens arbeidsmarktdeskundige Jouke van Dijk moet er wel iets gebeuren aan de Waddenkust om krimp te voorkomen, al wijzen sommige signalen er op dat die min of meer een halt is toegeroepen. Hij ziet daarbij mogelijkheden voor drie activiteiten die aansluiten bij wat er al is én het karakter van het gebied en zijn bevolking: landbouw, visserij en toerisme.

Ook zal men het verhaal van dit unieke gebied moeten uitdragen

“De kuststrook is interessant voor toeristen, en dan hebben we het niet over massatoerisme maar mensen die houden van rust, ruimte, natuur en landschap. Maar ook aan bezoekers aan de Waddeneilanden die tijd op de vaste wal willen doorbrengen. Maar voor iedereen geldt: er moet wel iets te doen en te beleven zijn. Ook zal men, meer dan nu het geval is, het verhaal van dit unieke gebied moeten uitdragen.”

Deze opmerking is Barbara Risselada uit het hart gegrepen. De marketeer vertelt dat de drie noordelijke provincies recent zijn gestart met een gezamenlijk marketingcampagne voor het gehele Waddengebied, met Waddenfondsgeld. Hiervoor worden verschillende verhaallijnen ontwikkeld die recht doen aan het unieke karakter van het Waddengebied. De toeristische sector kan deze verhalen uitdragen, specificeren en inzetten voor het ontwikkelen van nieuwe, bij voorkeur gezamenlijke producten en activiteiten. Als voorbeeld van een verhaallijn noemt Barbara ‘de strijd tegen het water’ waar het terpen- en wierdenverhaal onlosmakelijk deel van uitmaakt. Maar bijvoorbeeld ook de aanleg van dijken en inpoldering van het wadlandschap. Andere verhaallijnen zijn die van landbouw & visserij, religie, kunst & cultuur en natuur. Volgens Risselada moeten deze verhalen gaan leven én beleefbaar zijn.

Daarmee is een mooi bruggetje gemaakt naar Joop Mulder. De man achter Oerol en de landschapskunst van Sense of Place laat weten dat creatieven en kunstenaars een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het leesbaar en beleefbaar maken van het unieke karakter van de Waddenkust. “Dit landschap beleef en lees je het beste vanuit de lucht, maar dat is nu eenmaal niet mogelijk. Kunstenaars en out of the box denkers zijn in staat er een extra, zichtbare dimensie aan toe te voegen die prikkelt, nieuwsgierig maakt en aanzet tot beleven. Een voorbeeld? Het unieke van de Waddenzee is dat het water zich in horizontale richting terugtrekt. Dat ervaar je het beste vanaf een pier die het wad op loopt. Als landschapselementen zich het beste laten lezen vanaf hoogte, rust dan bijvoorbeeld hoge objecten uit met spiegels. Het is belangrijk dat je in het landschap iets aantreft dat je aandacht trekt en nieuwsgierig maakt naar bijvoorbeeld de ontstaansgeschiedenis en het spel van de natuur.”

Volgens projectleider Karin Sjoukes van Terpen en Wierdenland is een van de positieve resultaten van het project, naast de opgedane kennis, dat dorpsbewoners, plaatselijke jeugd en bijvoorbeeld ook amateurarcheologen meewerkten. “Zij hebben meegewerkt om het verhaal van hun eigen omgeving en gezamenlijke identiteit ‘boven water’ te krijgen. En zullen dat ongetwijfeld meenemen en doorvertellen.”

Gevraagd of het project een vervolg krijgt, en in welke richting dan moet worden gedacht, antwoordt de projectleider: “Dat is wel de bedoeling. En belangstelling is er ook voldoende. We weten alleen nog niet in welke vorm we het project gaan gieten. Die vraag zullen we ook  bij de geïnteresseerde dorpen zelf neerleggen.”

Tussentijds en achteraf kregen de bezoekers de ruimte om vragen te stellen en suggesties te doen. Die kans werd gegrepen, waarbij de opmerkingen varieerden van “toeristen mogen dit gebied niet opeisen”,  “zorg dat ook het binnendijks kustgebied tot Werelderfgoed Waddenzee wordt gerekend” en “we moeten er voor zorgen dat de bewoners weer trots zijn op dit gebied” tot “ik geloof in een goed en geloofwaardig verhaal, LF2018 laat zien dat dat werkt.”

Al met al een dag waarin niet alleen de nodige kennis werd gedeeld en vergaard, maar ook één die stof tot nadenken geeft.